Nederland Kunstwerken die zijn gebaseerd op indrukken die ik heb opgedaan in dit land, waar ik toevallig woon en werk, en waarvan ik elke keer als ik terugkom van een reis denk: wat is het hier eigenlijk mooi.

uit 2016 tot 2019 (klik op de afbeelding om het werk groter te bekijken)
stuur een bericht naar de kunstenaar

Appel 51

2019

  Deze vergeten appel is met ons mee op reis geweest naar het noordelijkste puntje van Noorwegen, maar onderweg niet opgegeten, en tenslotte weer thuis in de fruitschaal beland. Hij is in de zomer klein begonnen en daarna gegroeid en rijp geworden, mooi van kleur, glanzend en strak in zijn vel. Maar inmiddels is hij een beetje uitgedroogd. Wat doe ik  ermee? Vindt hij de weg naar de composthoop, of zal ik hem verder gaan volgen? Ik besluit het tweede te doen: ik ga hem vastleggen. Langzaam droogt hij verder uit en dag na dag maak ik er een werk van.

Appel 72

2019

De appel begint langzamerhand steeds meer vocht te verliezen, de huid wordt slapper, er ontstaan rimpels en vlekjes: de ouderdom slaat toe. De rimpels worden groeven, maar de glans blijft, net als de schoonheid. De veroudering gaat nu elke dag een nieuwe fase in. De schil gaat steeds meer een eigen leven lijden, met steeds interessanter groeven, welhaast bergketens. De kleur vervaagt, hoewel de oppervlakte nog wat glans behoudt, tot er een beurse plek ontstaat.

De Haal Twiske 4

2019

Oorspronkelijk bestond dit gebied vooral uit veenweiden langs het riviertje het Twiske dat vanuit het noorden naar het IJ stroomt. Rond de dorpen is eeuwenlang op kleinschalige wijze turf gewonnen. Het natte veen werd op smalle stroken land te drogen gelegd en in dikke turven gesneden. Hierdoor ontstond een landschap met legakkers en petgaten: dellen in het Oostzaans. Het gebied had een brakwater-vegetatie en een grote vogelrijkdom. In de jaren’30, de tijd van de werkverschaffing, werd begonnen met inpoldering. De kwaliteit van de drooggelegde landbouwgrond bleek echter zeer matig, eind jaren ‘50 stopte men daarom met de inpoldering. Nadat er van onder het veen zeer veel zand gewonnen was voor de aanleg van de Coentunnel, richtte men de 40m diepe zandwinnings-plas, de Stootersplas, en het omliggende terrein in als recreatiegebied.

Duin 3

2019

Het Nederlandse duinlandschap, de smalle strook zandgrond tussen de zee en het binnenland, is opgebouwd uit duidelijk te onderscheiden delen: De duinstrook die parallel aan het strand ligt, noemt men ‘jonge duinen’, ‘witte duinen’ of ‘helmduinen’. Deze duinen ontwikkelen zich vooral aan de zeekant, de wind heeft hier de meeste invloed doordat hij voortdurend vers zand aanvoert. Daarbinnen liggen de z.g. ‘grijze duinen’. Deze duinen hebben een grote biodiversiteit, ze zijn begroeid met grassen, kruiden en (korst)mossen, maar grote delen zijn ook onbegroeid. Weer daarbinnen liggen de oude ‘binnenduinen’, langgerekte zandruggen, die gevormd zijn in de middeleeuwen en die vaak met bos begroeid zijn. Duizenden jaren geleden waren dit  jonge duinen. Ze bewijzen dat de kust vroeger meer landinwaarts gelegen was.

Schuim Strand Hargen 8

2019

Schuim Strand Hargen 8   Sommige mensen denken dat dit schuim wordt veroorzaakt door menselijke vervuiling en dat het een chemisch goedje is. Maar nee, het komt van microscopische kleine algen die in zee leven. Eén van de vele algenfamilies is Phaeocystis of ‘schuimalg’. Deze microscopisch kleine plantjes beginnen in het voorjaar te groeien en vormen kolonies. Ze klitten in grote hoeveelheden samen en plakken aan elkaar  d.m.v. een laag gelatine. Wanneer deze kolonies afsterven komen er enorm grote hoeveelheden voedingsstoffen vrij waar mariene organismen de rest van het jaar van profiteren: van plankton tot schelpdieren en vissen. De eiwitrijke gelatine wordt door de golven tot schuim opgeklopt, dat door de wind en de stroming naar het strand gevoerd wordt.

Tulp 11

2019

Het verhaal gaat dat een koopman in Antwerpen in 1562 tussen een lading Turkse stoffen wat bollen vond. Hij dacht dat het uien waren en proefde er enkele. Omdat de smaak tegenviel, verwees hij de resterende bollen naar de composthoop, waar het jaar daarop tulpen bloeiden. Hij gaf het boeketje aan zijn vrouw en die was er zo blij mee dat hij dacht, hier zit handel in! Niet lang daarna werd tulpenkweek de belangrijkste economische activiteit rond Antwerpen. Tegenwoordig is Nederland natuurlijk de grootste exporteur van tulpenbollen, maar ook in de buurt van Roozendaal en Zandvliet werden tot de jaren ‘60 nog steeds veel tulpen gekweekt. In de Hongerwinter werden er noodgedwongen weer tulpenbollen gegeten, maar ook toen vond men ze niet erg lekker.

Zand 18

2019

Zand is een van de meest voorkomende natuurlijke stoffen op aarde. De zandkorrels bestaan uit zeer kleine stukjes afbraakmateriaal van gesteenten die in grootte variëren tussen 63 micrometer en 2 millimeter. Zand komt meestal voor als sediment, wat wil zeggen dat het ooit vervoerd is door water of wind. Zo vormt het duinen en stranden langs de kust, het komt voor langs en in rivieren en stroompjes, in en om meren, in grotten en mijnen, op bergwanden en heuvels, bij gletsjers, in de woestijn en als sediment in de zeeën. Er bestaan heel veel verschillende soorten zand, ieder met een eigen geologische samenstelling en unieke eigenschappen. Bepaalde soorten zijn alleen in de tropen te vinden, andere in de nabijheid van vulkanen en het kan zelfs van organische afkomst zijn (schelpen, koraal). De mate van afronding, sortering en korrelgrootte zeggen iets over de weg die het zand heeft afgelegd. Zo is grofkorrelig zand in de grote rivieren vooral in de bovenstroomse delen te vinden. De korrelgrootte neemt meestal af naarmate het zand verder stroomafwaarts ligt.

Zand 27

2019

Dit zand is een deel van het duingebied aan de Noordzee bij Hargen in Noord-Holland. Er is grote overeenkomst in het zand langs de gehele Nederlandse kust, o.a. doordat de Noordzeekust één doorlopende, uniforme strook is zonder baaien, klippen of schiereilanden. Langs de gehele zuidelijke Nederlandse kust heeft het zand een lichtbruine tot vaalgele kleur, terwijl het kustzand ten noorden van IJmuiden veel witter is. Dat is te verklaren uit het feit dat het zuidelijke zand werd aangevoerd uit de Rijn en roest bevat, en dat het noordelijke zand werd aangevoerd uit de kalkrijke Elbe.

Mos Middenbeemster 2

2018

Mossen kom je overal tegen. Op stenen, bomen en op de rand van onze vijver, tussen de bladstelen van dotterbloemen. De vijver heeft een diameter van zo’n 150 cm. Toch is er in deze beperkte leefomgeving een grote diversiteit van flora en fauna. Salamanders, kikkertjes, schrijvertjes, larven van insecten, waterslakken en watertorren, en af en toe een door ons aangeschaft visje. Het leven in deze poel is een wereld op zich, waar je uren naar kunt kijken. Als je eindelijk opstaat, heb je het gevoel dat je eigenlijk nog maar een fractie hebt gezien van wat er zich allemaal onder water afspeelt……

Zwam Montferland 9

2018

Boomzwammen groeien zowel op levend als ook op dood hout. Ze planten zich voort doordat hun vruchtlichamen, de paddenstoelen, sporen uitstrooien. Wanneer die terechtkomen in wonden in de bast van een boom, dringen de zwamdraden het hout binnen en onttrekken daaraan voedingsstoffen, die ze d.m.v. specifieke enzymen afbreken. De vezelstructuur van het hout wordt hierbij vernietigd. Het hout wordt brokkelig bruin of witachtig. Zwammen zijn zogenaamde aërobe organismen, die naast zuurstof, water en licht nodig hebben voor de vorming van de vruchtlichamen. Vochtig warmte is voor hen optimaal. Ze zijn essentieel voor de afbraak en het opnieuw beschikbaar maken van grondstoffen in de natuur. Ook wij mensen kunnen meer profijt trekken uit hun biologische eigenschappen.

Boomstronk 4

2017

Boomstronk 4  Boomstronken kom je overal tegen waar bomen staan, want er wordt wel eens een boom omgezaagd of ze waaien om door storm. Deze stronk, die al van uit de kern aan het wegrotten is, stond vlakbij een vennetje in het Drents-Friese Wold bij Appelscha,. Zo’n rottende boom is een goede voedingsbodem voor schimmels, bacteriën en insecten, die er op- en in leven. Het netwerk van schimmeldraden helpt daarna weer mee aan de opname van voeding door de andere bomen: de kringloop van het bos.

Boomstronk Twiske 2

2017

Het Twiske is een recreatiegebied aangelegd tussen 1964 en 1968 rond de gemeenten Landsmeer, Oostzaan, Purmerend en Ilpendam. Oorspronkelijk bestond het gebied vooral uit veenweiden langs het riviertje het Twiske, dat vanuit het noorden naar het IJ stroomt. Waarschijnlijk was de naam vroeger Twisk-A: het ‘tussen-riviertje’ dat de grens vormde tussen Landsmeer en Oostzaan. Ook het West-Friese dorp  Twisk bij Hoorn was genoemd naar zo’n grenswater. Rond de dorpen is eeuwenlang op kleinschalige wijze turf gewonnen. In de jaren ’30 werd begonnen met inpoldering, maar de kwaliteit van de drooggelegde landbouwgrond bleek zeer matig, dus eind jaren ’50 stopte men er mee. In de jaren ’60 werd er heel veel zand gewonnen voor de aanleg van de Coentunnelweg. Na afloop besloot men de ruim 30 meter diepe zandwinningsplas en het omliggende terrein als recreatiegebied in te richten. Langzaamaan ontstaat er een natuurlijk evenwicht: er vestigde zich een gevarieerde populatie van vogels, zoals de roerdomp, slobeend, smient, baardmannetje, oeverzwaluw, ijsvogel, nachtegaal, grote bonte specht, torenvalk, havik en buizerd.

Bosgrond Montferland 3

2017

Dit bos in Montferland, in de grensstreek met Duitsland, is hoogstwaarschijnlijk in het verleden intensief gebruikt om smokkelwaar van het ene land naar het andere te brengen. Bossen komen in Nederland vooral veel voor op arme zandgrond, maar ook op kleigrond, veengrond of löss. Hier in Montferland schijnt het vooral veen- en zandgrond te zijn (hoewel dit meer op klei lijkt…). Door de invloed van de bomen op de bodem kunnen diverse soorten bosgrond ontstaan. In een naaldbos bijv. hopen de afgevallen naalden van de bomen zich aanvankelijk op en verteren heel langzaam, maar uiteindelijk heeft  naaldenbosgrond een zeer luchtige structuur.

Bos Montferland 4

2017

Montferland is een gemeente in het oosten van de Nederlandse provincie Gelderland. Het riviertje de Wetering aan de zuidkant vormt de grens met Duitsland. Aan Duitse zijde ligt de gemeente Emmerich. Vanuit de gemeente zijn er veel grensovergangen. Een wetering is een gegraven watergang. Vooral bij de ontginning van laagveengebieden waren weteringen belangrijk voor de afwatering van het gebied. Vaak werden ze gegraven evenwijdig aan een reeds bestaande weg, dijk of oeverwal. Daarvandaan werd het veen dan ontgonnen tot aan de eerste wetering. Vanaf daar kon het proces zich herhalen tot aan een volgende gegraven wetering. Langs de wetering ontstond vaak bewoning.

Noordhollands Kanaal 2

2017

In de 17e eeuw nam de bevaarbaarheid van de Zuiderzee voor de zeescheepvaart naar Amsterdam af. Met name de ondiepte bij Pampus die de doorgang naar het IJ voor grote schepen blokkeerde, zorgde voor veel oponthoud. Goederen moesten naar kleinere schepen overgeladen worden en dat werd tijdrovend en duur. Daarbij kampte Amsterdam ook met het dichtslibben van de haven. De Nederlandse economie was in slechte staat na de val van Napoleon. Het gebrek aan goede water- en wegverbindingen was daarvan een belangrijke oorzaak, en koning Willem I wilde daar snel verbetering in brengen. Het graven van een rechtstreekse verbinding naar de Noordzee durfde men nog niet aan, vooral omdat het nog te moeilijk was om een groot sluizencomplex te bouwen. Het voorstel van de koning was een kanaal dat alleen geschikt zou zijn voor binnenvaartschepen, maar Amsterdam was hier fel op tegen. Zeeschepen zouden in dat geval Den Helder als eindbestemming kunnen nemen, waardoor de stad belangrijke inkomsten zou mislopen. Maar in 1819 werden de koning en de hoofdstad het eens over een breder en dieper kanaal, ook geschikt voor zeeschepen en zo werd de aanleg van het Noordhollandsch Kanaal een feit. Jan Blanken kreeg de leiding over het project. In feite ontstond het kanaal door het met elkaar verbinden van een aantal boezemwateren, die verbreed en uitgediept werden. Zo werden ook de ringvaarten van de Beemster en de Schermer onderdeel van het kanaal en volgt het ten noorden van Alkmaar het oude riviertje de Rekere.

Wildrijk 13

2017

In het westen van de Zijperpolder in Noord-Holland lagen oudtijds meerdere bosrijke landgoederen van welgestelde Amsterdamse kooplieden. Maar tijdens het graven van het Noordhollandsch Kanaal, werd veel van het bos gekapt door kamperende arbeiders. Het Wildrijk was een van de landgoederen waarvan het bos gelukkig gespaard is gebleven. Nu is het een uniek beschermd natuurgebied, in beheer bij Landschap Noord-Holland. Het bos is klein, maar heel bijzonder. Goed voor een wandeling van een klein uur, vooral in het voorjaar, wanneer de bodem zover je kunt zien bedekt is met een blauw tapijt van wilde hyacinten. Hier en daar zijn schakeringen van roze en wit, afgewisseld met het frisse groen van jonge varens en een enkel hoekje met wilde witte narcissen.

Wilgenroos 1

2017

Wilgenroosjes hebben een rechtopstaande, aarvormige stengel met roze tot donkerpaarse bloemetjes. De smalle bladeren doen denken aan wilgenblad. De vier bloemblaadjes staan in twee paren: een bovenste paar en een onderste paar. Omdat de bovenste kroonbladen iets groter zijn dan de onderste, hebben ze iets weg van vlindervleugels. De bloemen lijken op steeltjes te staan, maar deze steeltjes vormen het vruchtbeginsel. Aan het eind van de zomer zit daarin een zacht wit zaadpluis, dat makkelijk verwaait in de wind. Niet ver hiervandaan hebben de Schoorlse duinbranden gewoed. Het wilgenroosje blijkt een van de eerst planten te zijn die na een heide- of duinbrand opkomt, wat aanleiding vormt voor de Engelse naam ‘Fireweed’. Waarschijnlijk werd het pluis vroeger als ‘tondel’ gebruikt: licht ontvlambaar materiaal om vuur mee te maken, waar de Engelse naam aan ontleend is.

Amsterdam 3

2016

Amsterdam is de hoofdstad en naar inwonertal de grootste gemeente van Nederland. De stad (in het Amsterdams ook Mokum – Jiddisch voor ‘stad’ - genoemd) ligt in de provincie Noord-Holland, aan het IJ en de monding van de Amstel. De stad dankt haar naam aan de ligging bij een in de 13e eeuw aangelegde dam in de Amstel. De plaats kreeg kort na 1300 stadsrechten en groeide in de 17e eeuw uit tot een van de belangrijkste haven- en handelssteden ter wereld.  Het is ook de plek waar ik ben opgegroeid, mijn geboortegrond is tenslotte Amsterdam-Noord aan de overkant van het IJ, en dat IJ was een belangrijk deel van mijn bestaan. De skyline  ziet er nu anders uit, maar de lucht, het water en de wind zijn nog net als toen, zelfs de geur van het water is nog hetzelfde als destijds. Op deze plek, waar tankers aanlegden bij de Shell, ligt nu het Eye filmmuseum.

Appel 33

2016

De vlezige vrucht van de appel bestaat eigenlijk uit drie lagen, maar twee daarvan vormen het vruchtvlees en zijn niet meer van elkaar te onderscheiden. Het klokhuis met daarin de pitjes vormt de derde laag met in het midden de vaatbundel naar het steeltje. Insecten doen zich al te goed aan de appels als ze op de grond vallen. De vrucht verrot of wordt van binnenuit opgegeten met het uiteindelijke doel dat de zaden vrij komen en kunnen kiemen zodat er een nieuw boom ontstaat. Maar ook vogels, zoals de groene halsbandparkieten die sinds vorig jaar Middenbeemster bereikt hebben, schijnen appels of appelpitten graag te lusten. Bij deze appel zijn de buitenste laag en het steeltje nog intact, waardoor hij zo goed als opgegeten nog steeds aan de boom hangt….   

Boomstronk 11

2016

Hoewel een boomstronk over het algemeen een afgezaagde boom is, is dit een boom die door storm en ouderdom ontworteld en omgewaaid is. Hij ligt in het Drents-Friese Wold bij Appelscha. De nederzetting Appelscha wordt voor het eerst in 1247 als Appels vermeld in het archief van het klooster van Dikninge. De uitgang ‘sche’ of ‘scha’ betekent bos, vandaar de naam. Het oorspronkelijke esdorp, dat eeuwenlang slechts uit een klein aantal boerderijen bestond,  behoorde oudtijds tot het graafschap Drenthe en lag ingeklemd tussen droge zandige heide en nat veen, de Appelschaster- en Fochteloër venen. Na 1827, toen men begon het veen af te graven voor de turfwinning, veranderde het karakter van het dorp ingrijpend, waarover in een volgend Kunstwerk van de Week meer……